Het aantal inwoners van Vlissingen met een betalingsachterstand bij een of meer overheidsinstanties is in twee jaar tijd gedaald, van 5880 naar 5180. Dat betekent dat vorig jaar een op de zeven inwoners van Vlissingen een rekening bij de overheid open had staan. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek, waarbij Vlissingen hoger scoort dan het landelijk gemiddelde.
De Belastingdienst is de grootste schuldeiser onder de overheidsinstanties en dat geldt ook voor Vlissingen. Meer dan 2600 particulieren hebben belastingschulden en ruim 2500 lopen achter bij het terugbetalen van toeslagen. Een deel van hen heeft betalingsregelingen getroffen. Bovendien overlappen de groepen deels: zo'n 660 personen hebben zowel belasting- als toeslagschulden.
Naast de Belastingdienst hebben ook andere instanties openstaande rekeningen in Vlissingen. Bijvoorbeeld, 920 inwoners hebben een achterstand bij het CAK vanwege onbetaalde zorgpremies en 600 mensen lopen achter bij het CJIB door verkeersboetes. Deze betalingsachterstanden overlappen ook deels, waarbij sommige personen schulden hebben bij zowel het CJIB als de Belastingdienst.
Landelijke cijfers tonen ook een daling in het totaal aantal mensen met schulden bij de overheid in de afgelopen twee jaar. In Vlissingen blijft deze trend echter stabiel. Het is opvallend dat ondanks de afname in aantal mensen met betalingsachterstanden, het totale schuldbedrag en aantal achterstallige maanden niet verminderen.
Als reactie op deze trend heeft directeur Arjan Vliegenthart van financieel voorlichtingsbureau Nibud voorgesteld om de meest hardnekkige schulden kwijt te schelden. Vliegenthart benadrukt dat in economisch goede tijden, zoals de afgelopen jaren, de focus moet liggen op het ondersteunen van degenen die niet in staat zijn om hun betalingsachterstanden in te lopen.